Bouwen

Let op: wetgeving en regelgeving en de uitleg en toepassing daarvan zijn aan veranderingen onderhevig. De informatie op deze website kan dus achterhaald zijn.

Ter vervanging van oude woonboten worden veel nieuwe arken gebouwd. Uiteraard is het niet zinvol een nieuwe ark te laten bouwen, of daarover informatie aan te vragen, als je niet over een ligplaats beschikt. Slechts bij uitzondering worden nieuwe arken gebouwd voor nieuwe locaties. Op de pagina Projecten kunt u daarover meer lezen.

Het ontwerpen van een nieuwe woonboot begint vaak met het bekijken van reeds bestaande arken. Je kunt dan ideeen opdoen en als je een beetje handig bent met papier en potlood kun je daarna wat schetsen maken om aan te geven hoe je nieuwe ark eruit moet gaan zien.



Een architect heeft verstand van het ontwerpen van gebouwen en dergelijke. Voor het ontwerpen van een woonboot is het handig als een architect daarin gespecialiseerd en/of ervaren is. Zodat hij/zij niet voor jou het wiel hoeft uit te vinden als er een eerste ark ontworpen moet worden.
Er zijn voorbeelden bekend van fouten van ervaren architecten, die geen ervaring hadden met het ontwerpen van woonboten. Onder andere ging het daarbij verkeerd met de berekening van het gewicht van de ark. Tijdens het afbouwen bleek de ark zo zwaar te worden dat de rand van het casco bijna onder water verdween. Door de constructie op het laatste moment aan te passen (lichter te maken), kon dat voorkomen worden. Een erg kostbare aangelegenheid.

Een programma van eisen is een goede start bij het ontwerpen van een woonboot. Je zet dan alle eisen (wensen) op een rij en gaat daarna bekijken welke vormen, materialen en dergelijke je gaat kiezen. Een architect heeft daarmee ervaring.
Bij de meeste arkenbouwers kun je in eerste instantie ook met een eigengemaakte schets terecht. Aan de hand van gesprekken en het inventariseren van wensen kan de bouwer (zonder een architect) samen met de klant tot een goed ontwerp komen.

Vaak worden beperkingen aan het ontwerp bepaald door regels die door de verhuurder van de ligplaats worden gehanteerd. De lengte, breedte, hoogte en diepgang zijn meestal aan regels gebonden. Bijvoorbeeld is in grote delen van Amsterdam een hoogte van maximaal 2,5 meter toegestaan, waardoor de mogelijkheden beperkt worden.



Voor een woonboot behoeft geen Omgevingsvergunning (voorheen bouwvergunning), omdat woonboten niet onder de Woningwet vallen. Woonboten (woonarken/woonschepen) hoeven niet te voldoen aan de eisen in het Bouwbesluit, waarin bijvoorbeeld de hoogte van een woonruimte (2,6 m.) vastgelegd is. Sommige gemeentes hebben in hun plaatselijke regelgeving opgenomen dat woonboten (watervilla's) wel aan de eisen uit het bouwbesluit dienen te voldoen, zoals bij de verkoop van waterkavels van IJburg (Amsterdam).
LET OP: door ontwikkelingen in 2014 is het begrip woonboot als bouwwerk op losse schroeven komen te staan, met name door een uitspraak van de Raad van State.

De mogelijkheden voor het uiterlijk van een woonboot worden meestal niet door strenge eisen beperkt. Het uiterlijk van een woonboot wordt niet (of bijna nooit) getoetst door een welstandscommissie, zoals dat bij bouwwerken op de wal vaak wel het geval is.



Je kunt een arkenbouwer kiezen. Het is verstandig een aantal arkenbouwers te benaderen en enkele van hen een aanbieding (offerte) te laten maken op basis van de gegevens die je hen verstrekt (schets en programma van eisen). De definitieve keuze kun je bijvoorbeeld baseren op de beste prijs/kwaliteitverhouding.
Degene met de laagste prijs hoeft zeker niet de beste keus te zijn (goedkoop kan uiteindelijk duurkoop zijn als in de loop der tijd de kwaliteit beneden peil blijkt te zijn). Sommigen laten zich bij het bepalen van hun keuze leiden door het (positieve) gevoel wat ze kregen tijdens het eerste contact met een bepaalde bouwer.

Duidelijke afspraken over het bouwen van de woonboot moeten al in het offertestadium gemaakt worden. Als een prijs genoemd wordt, moet daarbij ook omschreven worden wat er voor dat geld geleverd wordt. Alleen dan kun je een goede vergelijking maken tussen de diverse bouwers en hun offertes.

Na het kiezen van een bouwer en het doorlopen van het offertestadium kan de order gegeven worden, als opdracht de ark te gaan bouwen. Als onderdeel van de opdracht dient goed omschreven te worden wat en hoe er gebouwd gaat worden. De definitieve bouwtekening is daarbij belangrijk, omdat daarop vastgelegd is hoe de ark gebouwd wordt, welke materialen gebruikt worden, hoe de constructie eruit ziet.

Ook de levertijd moet vooraf afgesproken worden. Voorafgaand aan het werkelijke bouwen moet nog veel gebeuren. Tekeningen moeten gemaakt worden, materialen moeten besteld worden, de bouw moet in de planning opgenomen worden. Het echte bouwen (casco storten, opbouw plaatsen en afwerken) kan relatief korte tijd in beslag nemen.

Let op, eerst zal de vergunning voor vervanging (of een omgevingsvergunning waarover met name sinds 2014 onduidelijkheid is) van de woonboot in orde moeten zijn. Meestal kan pas nadat de vergunning in orde is, gestart worden met de werkzaamheden voor de werkvoorbereiding (zoals bestellen van materialen, kozijnen e.d. en het vrijhouden van een plaats in het dok). Er zou een risico voor zowel de bouwer als de opdrachtgever zijn als uiteindelijk de vergunning niet afgegeven zal worden.
De levertijd zal dus meestal gelden vanaf het moment dat de vergunning ontvangen is.

Een betonnen casco wordt door de meeste arkenbouwers gestort als basis van de ark. Een goede betonnen bak gaat meer dan een gemiddeld mensenleven mee en heeft (bijna) geen onderhoud nodig. Eerst wordt een bekisting gezet, waarin het beton gestort wordt, met daarin een stalen wapening.



Verschillende bouwers gebruiken verschillende bouwmethoden. De betonnen bak kan voorzien worden van een enkele of dubbele wapening, er kunnen wel of geen betonnen tussenschotten geplaatst worden, de dikte van bodem en zijwanden kan verschillend zijn.
Het resultaat van de methode kan een goed of iets minder goed casco zijn. De gekozen bouwmethode kan afhankelijk zijn van de omstandigheden waarin de uiteindelijke ark op de ligplaats terecht komt. Veel arkenbouwers gebruiken een overdekte bouwplaats (loods) waarin ze de condities tijdens het betonstorten (en afbouwen) in de hand kunnen houden.

Ook kan het bouwen van de opbouw op verschillende manieren gebeuren. Soms worden de wanden eerst in hun geheel gebouwd, inclusief kozijnen, en daarna pas op de bak geplaatst. In bijna alle gevallen wordt gebouwd in houtskeletbouw. Dit betekent dat er eerst van houten balken een geraamte gemaakt wordt, waarna er aan de binnen- en buitenzijde wandbekleding aangebracht wordt.

Gipsplaat of het sterkere gipsvezelplaat wordt vaak gebruikt voor het aftimmeren van de binnenwanden en plafonds. Tegenwoordig werken (bijna?) alle bouwers volgens de voorschriften die gelden voor het bouwen in houtskeletbouw, waarbij onder andere (beperken van) brandgevaar van belang is.
Zowel bij bouwen als bij verbouwen is het toepassen van goede isolatie en ventilatie van groot belang.

Voor de bekleding van de buitenzijde wordt veelal hout gebruikt. Vroeger waren dat vaak delen van vurenhout of grenen. Uiteraard moet een dergelijk materiaal behandeld (b.v. geschilderd) worden om rotten tegen te gaan. Om die reden werd in het verleden het (destijds asbesthoudende) onderhoudsarme Eternit en soortgelijke produkten vaak gebruikt. Tegenwoordig zijn er kunststof alternatieven in de handel die het uiterlijk hebben van hout, zoals Werzalit. Ook Eternit wordt gebruikt in een nieuwe (niet asbesthoudende) samenstelling.

Een zeer veel gebruikte houtsoort is Red Cedar. Dat materiaal is (bijna) vrij van onderhoud. Het krijgt in de loop der tijd een egaal grijs uiterlijk, hoewel de kwaliteit van het gebruikte hout, de wijze waarop het gezaagd is en de wijze waarop het bewerkt en afgewerkt is, het uiteindelijke uiterlijk beïnvloeden. Ook de ligging van de ark (t.o.v. zonlicht) en dergelijke spelen daarbij een rol.
De keuze voor een bepaalde materiaalsoort en -vorm voor de gevelbekleding zal in veel gevallen bepaald worden door een voorkeur voor uiterlijk en de mate van onderhoud die men wenst.

Vooral het op een juiste wijze aanbrengen is van groot belang. De delen moeten op de juiste wijze gespijkerd worden en er moet voldoende ventilatie achter het hout zijn. Een juiste behandeling aan de achterzijde (binnenzijde) van het hout verlengt de levensduur.
Het is mogelijk (maar voor het tegengaan van rot niet noodzakelijk) dit materiaal aan de buitenzijde te behandelen (lakken, beitsen) om het uiterlijk te verfraaien. Nadeel is dat je de aangebrachte laag daarna regelmatig moet onderhouden.
Ook is het mogelijk het materiaal te verduurzamen, door het te doordringen met fixerende zouten (zoals vroeger Wolmaniseren en tegenwoordig b.v. Celfixeren). Onder andere heeft deze bewerking een gunstig effect op het verkleuren van hout.

De ark is glasdicht (of wind- en waterdicht) als de vloer, de wanden en het dak op de bak geplaatst zijn. Veel mensen bestellen een ark in deze uitvoering, waarna ze hem zelf afbouwen. Dit bespaart kosten, maar vergt veel handigheid, energie, tijd en.. stressbestendigheid.
Het is mogelijk de wanden en het dak in de bak te laten plaatsen door de bouwer, om zodoende de ark naar moeilijk bereikbare plaatsen (met lage bruggen e.d.) te transporteren. Ter plaatse kunnen deze onderdelen dan overeind gezet en afgebouwd worden.

Het vooraf in de ark plaatsen van de afbouwmaterialen kan erg handig zijn. Het op de bouwplaats van de arkenbouwer binnen brengen van grote stapels gipsplaat e.d. is meestal geen probleem. De ark wordt dan naar de ligplaats gesleept met alle afbouwmaterialen aan boord. Dit is veel gemakkelijker dan dat je met grote hoeveelheden materiaal moet gaan slepen over een wankel bruggetje als de ark op zijn ligplaats ligt.

Soms kan een ark niet afgebouwd worden bij de arkenbouwer, bijvoorbeeld als op route naar de ligplaats zich lage vaste bruggen bevinden. Dan kunnen de wandelementen vooraf gebouwd worden en op de betonnen bak geplaatst worden. De bak kan dan onder de lage bruggen door gesleept worden of met een dieplader naar de ligplaats getransporteerd worden.



Eenmaal op de ligplaats kunnen de wandelelemnten op de betonnen bak geplaatst worden en wordt de ark verder afgebouwd.


Soms is alleen het laatste deel naar de ligplaats niet begaanbaar. Dan kan gekozen worden voor een deel van het transport over de weg of kan met behulp van een hijskraan de ark over een brug getild worden.



Tegenwoordig worden veel arken gebouwd met een dubbele woonlaag. De ruimte in de bak wordt dan benut als extra woonruimte (verdieping). Het is mogelijk ramen in de bak te plaatsen of in de opbouw direct boven de rand van de bak.
Ook arken met een gedeeltelijk dubbele woonlaag (split level) komen vaak voor. Voorwaarde voor het (mogen) bouwen van dergelijke arken is dat er voldoende hoogte boven de waterlijn en diepgang van de bak toegestaan worden.
Op veel plaatsen is de maximum hoogte boven water 3,5 meter. Een dubbele ark is dan bijna niet mogelijk. Regelmatig worden echter op dergelijke locaties arken gebouwd die gedeeltelijk dubbel zijn en waarvan de dubbele woonlagen een geringe binnenhoogte hebben (van bijvoorbeeld 2,10 meter). In huizen op de wal zou dit veelal niet toegestaan zijn, maar bij woonboten gelden daarvoor geen beperkende regels. Daar beslist de eigenaar of hij/zij genoegen neemt met deze (gedeeltelijke) beperking.

In de ark moeten diverse technische installaties geplaatst worden. Keuken, badkamer, verwarming en dergelijke moeten gerealiseerd worden, zoals dat ook bij een huis op de wal gebeurt.

Een rioleringspomp is vaak nodig om het afvalwater af te voeren. In veel gevallen zorgt een dergelijke pomp ervoor dat het afvalwater vanaf diverse punten (keuken, douche, wastafels e.d.) in een pompreservoir opgevangen wordt, en daarna onder (hoge) druk via een relatief dunne slang naar buiten afgevoerd wordt naar het riool in de wal. Uiteraard is dat alleen mogelijk als er een aansluiting op de buitenriolering aanwezig is. De pomp dient deel uit te maken van een goed rioleringssysteem.
Wanneer het afvalwater niet ver of hoog weggepompt hoeft te worden, kan een (wat minder luidruchtige) pomp met open waaier toegepast worden. Als de opvoerhoogte of afstand groter is, wordt veelal een versnijderpomp toegepast. Deze versnijdt het afvalwater en pompt het met meer kracht weg. Dit type maakt meer geluid.

LET OP: Soms wordt (tijdelijk) de afvoerslang losgekoppeld en overboord gehangen (bijvoorbeeld na een werfbezoek).
Indien u dat doet, mag het uiteinde van de slang niet onder het wateroppervlak komen. Als dat wel het geval is, kan de slang na een pompcyclus gaan hevelen. Het gevolg daarvan is dat er (na het wegpompen van afvalwater) buitenwater terug in de slang gezogen wordt. Als bij de pomp geen terugslagklep aanwezig is, of als deze niet goed functioneert, kan de woonboot automatisch vol water gezogen worden. In het ergste geval kan deze zinken.
Als u de afvoerslang niet aankoppelt, en deze (zoals hiervoor beschreven) boven het wateroppervlak hangt, dient dat een tijdelijke oplossing te zijn. Dat heeft (naast een wettelijke en milieuvervuilende reden) een technische reden. Doordat de afvoerlengte kort is, heeft de pomp onvoldoende tegendruk. Daardoor draait de waaier of versnijder relatief te gemakkelijk rond, waardoor hij als het ware lucht hapt. Het gevolg kan cavitatie zijn, waardoor schade aan de waaier of versnijder ontstaat. Simpel gesteld, ontstaan luchtbellen die imploderen, waarbij zeer hoge druk en zeer hoge temperaturen ontstaan. Die zorgen voor aantasting van het betreffende onderdeel. Dit verschijnsel is o.a. ook bekend bij scheepsschroeven, die op den duur daardoor weggevreten kunnen worden.

De diverse aan- en afvoerleidingen moeten door de wand van de ark gevoerd worden. In de meeste gevallen is het handig deze door de betonnen bak te leiden. In dergelijke gevallen moet er al bij het storten van het beton rekening gehouden worden met (de plaats van) deze uitsparingen.

Vroeger werden standpijpen of beren gebruikt om het afvalwater door de bodem van de ark af te voeren. Tegenwoordig zijn deze bij gebruik van een rioolpomp niet meer nodig. Toch is het goed er nog minstens een te hebben, voor aansluiting van de noodafvoerleiding, die gebruikt wordt als de pomp niet werkt.
Op diverse woonboten zijn beren of standpijpen nog steeds in gebruik omdat ze nog een ontheffing hebben, zodat ze nog kunnen lozen op het oppervlaktewater.

De leidingen waardoor water loopt moet je beveiligen tegen bevriezing. Dit geldt dus voor de aanvoerleiding van het water en voor de afvoerleiding. Een goede methode is het aanbrengen van elektrisch warmtelint (thermolint).
Een andere (goedkopere maar risicovolle) methode is het bij vorst enigszins open draaien van een kraan. Daardoor blijft het water een beetje stromen, waardoor het niet bevriest. Het stromende water wordt regelmatig weggepompt, waardoor ook de afvoer niet bevriest.
Nog een mogelijkheid is de waterslang en/of rioleringsslang van binnen uit door een standpijp te laten gaan, onder de boot door, de wal in. Doordat de leidingen dan onder water en onder de grond lopen, zullen ze niet bevriezen. Belangrijk hierbij is dat de leidingen niet afgekneld of beschadigd mogen raken onder de woonboot.

Het vooraf aanbrengen van een noodaanvoerleiding voor water is een weinig gebruikte, maar misschien toch handige, toepassing. Je voorkomt daarmee dat je bij extreem koud weer (want op die momenten bevriest de leiding) naar buiten moet om de hele boel te ontdooien om weer lekker te kunnen douchen.
Het principe is eenvoudig. Je sluit een extra leiding aan vanaf de walaansluiting naar de ark. Zowel in de wal als in de ark plaats je een afsluiter (kraan) aan, die je standaard dicht laat. In de leiding bevindt zich dan geen water. In noodsituaties draai je de beide kranen open, waardoor het water gaat stromen. Daarna wel continu een beetje laten stromen, anders bevriest ook deze noodleiding. Als later het weer wat warmer is kun je het oorspronkelijke probleem oplossen. Daarna niet vergeten de kranen van de noodleiding weer af te sluiten nadat je het water uit die leiding gehaald hebt.

Over het ijsvrij houden van een woonboot verschillen de meningen. Meer informatie vindt u op de pagina "Onderhoud".

Een ark is goed geschikt voor toepassing van luchtverwarming. Dit systeem heeft veel voordelen, maar is in huizen vaak duurder dan de conventionele centrale verwarming met water. De bouwkundige aanpassingen die het systeem duurder maken zijn echter in de meeste arken niet of nauwelijks nodig, zodat heteluchtverwarming een aantrekkelijk alternatief kan zijn.
Een andere mogelijkheid is de toepassing van glasverwarming.
Het verwarmingssysteem bestaat uit ramen van dubbel glas, met een metaalcoating op de beglazing. Door middel van elektrische stroom wordt deze coating als warmtebron benut. Voordelen zijn onder andere het ontbreken van condensvorming en koude luchtstromen en de afwezigheid van radiatoren en roosters. Het vloeroppervlak kan daardoor geheel benut worden.

De meeste arkenbouwers geven een goede garantie op hun producten. Een garantieperiode van tien jaar is gebruikelijk. Het komt voor dat een arkenbouwer een garantie geeft van tien jaar op de opbouw en twintig jaar op het betonnen casco.



Terug | Top
http://www.woonbotenmakelaar.nlhttp://www.arkenbouw.nl
http://www.drijvendwonen.nlhttp://www.bootklussers.nl


Nieuws

Woonbotenland wordt verbouwd
Datum: 01-09-2017
Binnenkort komt de nieuwe versie online
Lees verder...

Wateroverlast in woonboot Voorschoten
Datum: 12-06-2017
slachtoffer naar ziekenhuis
Lees verder...

Uitzonderingen in Bouwbesluit voor nieuwe woonboten
Datum: 10-06-2017
vanaf 1 januari 2018
Lees verder...

Archief >>

http://www.waterdetector.nlhttp://www.wonen-op-water.nl
http://www.woonboot.nlhttp://www.duursma.info/index.php?page=woonboot-taxatie-bouwkundige-keuring&hl=nl_NL


Vraagbaak

waterpas leggen
Datum: 23-10-2017

Ligplaats gevraagd
Datum: 15-10-2017

Woonschip hypotheek
Datum: 11-10-2017


Datum: 07-10-2017


Advertentiebeheer

Gebruikersnaam:

Wachtwoord:


Registreren - Wachtwoord vergeten